Congres Laadinfra 2026: komende jaren bepalend voor toekomstbestendig energiesysteem.

Gepubliceerd op: 02 juni 2026


In Amersfoort is op 12 mei het Congres Laadinfra 2026 gehouden. Het congres stond dit jaar volledig in het teken van het centrale vraagstuk: “Grip op de grid: netcongestie wordt verleden tijd.” Binnen dit thema kwamen meerdere urgente onderwerpen samen, waaronder netcongestie en netcapaciteit, slim laden en flexibiliteit, prijstransparantie, de elektrificatie van zwaar transport en de rol van innovatie en AI in laadinfrastructuur. Namens de Vereniging Elektrische Rijders (VER) waren aanwezig Michiel Meijer, VER regioambassadeur Zuid-West) en Frits Nolet (VER-ambassadeur). Een samenvatting van de onderwerpen die op deze dag aan de orde zijn gekomen.


Wat duidelijk naar voren kwam tijdens het Congres Laadinfra 2026 is dat de energietransitie zich in een cruciale versnelling bevindt. Tegelijkertijd wordt deze ontwikkeling begrensd door de fysieke en organisatorische beperkingen van het elektriciteitsnet. De rode draad door alle sessies heen is dat oplossingen niet langer uit één richting komen, maar uit een combinatie van technologie, gedragsverandering en samenwerking.


Snelladen in tijden van netcongestie

Een van de presentaties werd gegeven door Martijn Repko van FastNed. Zijn presentatie maakt duidelijk dat Nederland historisch sterk is in AC-laden, maar achterblijft in de uitrol van DC-snellaadinfrastructuur. Een onderwerp dat afgelopen week ook de revue passeerde tijdens EV-café in The Green House in Utrecht. Tegelijkertijd neemt de behoefte aan snelladen toe, mede doordat de uitrol van reguliere (AC) laadpunten wordt afgeremd door netcongestie en prioriteringsbeleid.

 

De toekomst van laden wordt steeds meer gedifferentieerd in de volgende toepassingen:

  • AC-laden voor langdurig parkeren en slim laden
  • DC-laden op bestemmingslocaties (zoals retail)
  • DC snelladen “on-the-go” met maximale snelheid
  • DC laden in de stad voor zakelijk gebruik (taxi's of bestelbusjes, Zie Leap24.nl) 

 

Belangrijk inzicht is dat DC laadpleinen in gemeente efficiënter omgaan met netcapaciteit dan DC-laadstations verspreid over de gemeente.

 

De meest kansrijke oplossingen liggen in:

  • Samenwerking met lokale energiebronnen (bijvoorbeeld zonneparken of windmolenparken).
  • Flexibele contractvormen met netbeheerders.
  • Snellaadpunten, maar tegelijkertijd benadrukt Fastned dat batterijen een belangrijke rol spelen, maar slechts inzet van batterijopslag in combinatie met dalstroom

 

Van losse laadpalen naar geïntegreerde energiesystemen

In de paneldiscussie over de staat van laadinfrastructuur werd duidelijk dat de sector zich beweegt van “meer laadpalen” naar integrale energiesystemen.

 

De focus verschuift van infrastructuur alleen naar de combinatie van:

 

  • De opslag van opgewekte energie.
  • Slim laden.
  • Systeembalans

 

Daarnaast benadrukken de experts dat laden in de toekomst steeds vaker plaatsvindt op locaties waar energie wordt opgewekt, wat de decentralisatie van het energiesysteem versnelt.

 

 

De auto als energiecentrale (V2G)

Een van de meest vooruitstrevende thema’s dat op het Congres Laadinfra de revue passeert is Vehicle-to-Grid (V2G), waarbij elektrische voertuigen actief bijdragen aan het energiesysteem door stroom terug te leveren.

De praktijkcase in Utrecht laat zien dat V2G niet langer theoretisch is. Met een relatief beperkte vloot kan al aanzienlijke impact worden gerealiseerd. De verwachting is dat, bij voldoende schaal, dat betekent tussen de 10.000 en 25.000 voertuigen, lokale netcongestie grotendeels opgelost kan worden. De elektrische auto kan daarmee wezenlijk onderdeel van de oplossing zijn.

 

Tegelijkertijd zijn er belangrijke aandachtspunten:

  • Hoge installatiekosten en technische complexiteit.
  • Beperkte beschikbaarheid van geschikte voertuigen.
  • Afhankelijkheid van gesloten ecosystemen.
  • Onzekerheid over slijtage van de batterij.

 

De conclusie is dat V2G zich op een kantelpunt bevindt: technisch gereed, maar nog afhankelijk van verdere standaardisatie, vertrouwen en schaal.

 

Gesloten ecosysteem zolang onbekend is of voertuigen en laders goed omgaan met standaard

In een aparte sessie heeft Robin Berg, CEO van WeDriveSolar en geestelijk vader van het V2G-traject dat nu in zowel Utrecht als Eindhoven werkt, zijn aanbod van een V2G wallbox voor particulieren thuis toegelicht. Vooralsnog werkt dit in een gesloten ecosysteem van de WeDriveSolar wallbox, een select aantal modellen van Renault auto’s en de energiemaatschappij Hegg. In deze samenwerking doet ook netbeheerder Stedin mee, vooral voor het detecteren en oplossen van mogelijke netcongestie. De reden voor het (vooralsnog) gesloten ecosysteem is, dat het nog onbekend is of alle voertuigen en laadstations wel goed omgaan met het nieuwe ISO 15118-20 protocol, welke nodig is voor bidirectioneel (V2G-) laden. Zolang iedere EV en Wallbox nog niet individueel heeft aangetoond goed met deze standaard om te gaan, vereist de netbeheerder een test van alle mogelijke combinaties van EV’s en wallboxen, wat in de praktijk echter ondoenlijk is. Er zijn incidentele proeven geweest met V2H en bijvoorbeeld DC-thuisladers, maar volgens Berg zet V2H geen zoden aan de dijk voor het oplossen van netcongestie, hooguit voor het voorkomen van terugleveren van zonnestroom aan het net. De samenwerking met Stedin in dit ecosysteem is cruciaal voor het omgaan met en voorkomen van netcongestie met V2G, waarvoor de netbeheerder een vergoeding geeft. Deze compensatie kan helpen voor het nadeel van het wegvallen van het salderen van energiebelasting na 1-1-2027. Uiteraard is ook het inboeken van ERE’s met deze combinatie mogelijk, waardoor nog een extra voordeel van ~0,10€/kWh kan worden gerealiseerd met de geladen stroom in de EV. We Drive Solar CEO Robin Berg verwacht dat V2G thuis over een jaar of 5 à 6 mogelijk zal worden in een open ecosysteem.

 

Prijstransparantie als kritische succesfactor

Een ander belangrijk thema was de complexiteit van laadprijzen. Door de betrokkenheid van meerdere partijen (CPO’s, MSP’s en betalingsplatformen) ontstaat een gefragmenteerd prijsmodel met beperkte transparantie.

 

Gebruikers ervaren vooral problemen doordat:

  • Tarieven vooraf niet duidelijk zijn.
  • Prijsinformatie tijdens laden ontbreekt of onvolledig is.
  • De kosten vaak pas achteraf zichtbaar worden.

 

Hoewel de technische mogelijkheden voor transparantie al bestaan, worden deze nog onvoldoende benut. Het gevolg is dat dit een directe bedreiging vormt voor de acceptatie van elektrisch rijden, met name onder nieuwe gebruikers.

 

Netcongestie: van probleem naar systeem vraagstuk

De paneldiscussie tijdens het Congres Laadinfra 2026 over netcongestie maakte duidelijk dat dit hét centrale knelpunt is in de energietransitie. Netcongestie wordt niet alleen veroorzaakt door gebrek aan infrastructuur, maar ook door:

 

  • Piekmomenten door gelijktijdig gebruik.
  • Gebrek aan flexibiliteit in vraag en aanbod.
  • Beperkte sturing en coördinatie.

 

Met name in de logistieke sector wordt de impact groot: één elektrische truck verbruikt ongeveer evenveel energie als een klein bedrijf. Hierdoor wordt energie een strategische factor in de bedrijfsvoering. 

 

Oplossingen:

De oplossing zoals deze tijdens het congres aan de orde kwam ligt niet in één maatregel, maar in een combinatie van:

 

  • Netverzwaring
  • Slim laden (vraagsturing).
  • Lokaal opwekken van energie en dit lokaal opslaan.
  • Samenwerking tussen marktpartijen.
  • Groepscontracten met bedrijven op hetzelfde industrieterrein.

 

Toekomst van het concessiemodel

Tot slot is ingegaan op het concessiemodel en wordt er gekeken naar de organisatie van de markt. Het huidige model leidt tot grote prijsverschillen en een complexe gebruikerservaring. Daarom wordt een hybride model voorgesteld waarin marktwerking behouden blijft, maar duidelijke kaders en regie worden toegevoegd. Belangrijk hierbij zijn regionale schaalgrootte, flexibiliteit in contracten en focus op gebruikerservaring.

 

 

Conclusie van de dag


Het Congres Laadinfra 2026 maakt duidelijk dat de energietransitie in mobiliteit een nieuwe fase is ingegaan. De elektrische auto ontwikkelt zich van vervoermiddel naar integraal onderdeel van het energiesysteem. 

 

De belangrijkste conclusies van de dag zijn als volgt samen te vatten:

  • Netcongestie is niet alleen een probleem van capaciteit, maar van systeemsturing, gedrag en samenwerking. 
  • Succesvolle oplossingen vragen niet alleen om een combinatie van infrastructuur en slimme sturing, maar ook om een actieve rol van de gebruikers (flexibel laadgedrag door de EV-rijders), strategische keuzes van bedrijven (energiebeheer) en regie vanuit overheden en marktorganisaties.
  • De komende jaren zullen erg bepalend zijn voor hoe deze elementen samenkomen in een toekomstbestendig en schaalbaar energiesysteem. Een energiesysteem waarvan de auto steeds meer integraal deel gaat uitmaken.

 

We kijken terug op een Congres Laadinfra 2026 met waardevolle inzichten.

 

Tekst: Michiel Meijer en Frits Nolet

Beeld: Vereniging Elektrische Rijders / Congres Laadinfra 2026

 

Feiten & Fabels 2026 boekje Feiten & Fabels cirkel logo