Het mag best iets vaker worden gezegd dat Nederland voorop loopt met elektrisch rijden en de energietransitie. Wat in Nederland bij Renault al in de praktijk werkt, krijgt nu een vervolg in Frankrijk. Renault Group en EDF Group bundelen hun krachten om elektrisch rijden betaalbaarder te maken met slim laden en Vehicle-to-Grid (V2G). Vanaf de zomer van 2027 willen de partners Franse automobilisten een geïntegreerde oplossing bieden waarmee hun elektrische auto niet alleen stroom afneemt, maar ook elektriciteit kan terugleveren aan het net. De Nederlandse praktijkervaring die samen met partner We Drive Solar in Utrecht is opgedaan, vormt zo een belangrijke basis voor de volgende stap in Frankrijk.
Utrecht als springplank naar Frankrijk
Nederland vervult een voortrekkersrol in de ontwikkeling van V2G-technologie. Renault werkt hier al sinds 2016 aan toepassingen waarbij elektrische auto’s fungeren als mobiele energieopslag. In 2018 werkte de techniek en gaf Koning Willem Alexander het startschot voor de eerste elektriciteit terugleverende Renault Zoe. In 2025 was de techniek schaalbaar en introduceerde Renault samen met We Drive Solar een V2G-deelautodienst in Utrecht en Eindhoven. Begin 2026 volgde de stap naar particuliere automobilisten met Power V2G. Die praktijkervaring laat zien hoe elektrische auto’s kunnen bijdragen aan een flexibeler energiesysteem. De Franse samenwerking van Renault bouwt voort op deze ontwikkeling: de opgedane kennis en ervaring met bidirectioneel laden krijgen een vervolg in een veel grotere markt. Dat is relevant, want Nederland heeft een hoge dichtheid aan zonnepanelen. Op zonnige dagen kan het aanbod van duurzame elektriciteit groot zijn, terwijl op andere momenten juist tekorten of piekbelastingen ontstaan. Dat verschil tussen vraag en aanbod zet het elektriciteitsnet onder druk en draagt bij aan netcongestie.
Ook Franse auto als batterij op wielen
Vehicle-to-Grid maakt het mogelijk om elektriciteit niet alleen in de accu van een elektrische auto op te slaan, maar die energie ook terug te leveren aan het elektriciteitsnet. De auto laadt bijvoorbeeld wanneer veel zonne-energie beschikbaar is en stroom relatief goedkoop is. Op momenten waarop de vraag naar elektriciteit toeneemt, kan de opgeslagen energie juist worden teruggeleverd zodat er niet onnodig druk op het stroomnet ontstaat. Dat is een win-winsituatie: het elektriciteitsnet wordt flexibeler en automobilisten kunnen profiteren van dynamische stroomprijzen. Volgens Renault en EDF kunnen de financiële voordelen oplopen tot het equivalent van 10.000 kilometer rijden per jaar. Dat is een potentiële besparing voor de Franse EV-rijder. Het exacte resultaat in individuele gevallen hangt onder meer af van het energiecontract, de laadmogelijkheden en het gebruik van de auto.
"Naast technologische innovatie biedt deze samenwerking een concreet antwoord op twee belangrijke uitdagingen voor consumenten: koopkracht en de energietransitie," zegt Jérôme Faton, VP Customer Experience & Energy bij Renault Group. "Door onze klanten te helpen hun laadkosten beter te beheersen en nieuwe mogelijkheden te creëren om waarde uit opgeslagen energie te halen, willen Renault Group en EDF Group elektrisch rijden nog aantrekkelijker en toegankelijker maken.”
Renault en EDF bieden één totaaloplossing
De Franse samenwerking moet elektrisch rijden eenvoudiger en financieel aantrekkelijker maken. Particuliere klanten in Frankrijk kunnen via het dealernetwerk van Renault een compleet pakket afnemen met een thuislaadpunt, installatie door IZI by EDF en slim energie- en laadbeheer. Daarnaast ontwikkelen de partners toepassingen waarmee de autobatterij niet alleen stroom aan het net kan leveren, maar op termijn ook energie beschikbaar kan stellen voor huishoudelijk gebruik. De technologie moet beschikbaar komen voor alle elektrische modellen van Renault Group, waaronder Renault, Alpine en Dacia. Jérôme Faton, VP Customer Experience & Energy bij Renault Group, zegt over het partnership: “Naast technologische innovatie biedt deze samenwerking een concreet antwoord op twee belangrijke uitdagingen voor consumenten: koopkracht en de energietransitie. Door klanten te helpen hun laadkosten beter te beheersen en nieuwe mogelijkheden te creëren om waarde uit opgeslagen energie te halen, willen Renault Group en EDF Group elektrisch rijden nog aantrekkelijker en toegankelijker maken.”
Nederlandse voorsprong krijgt internationaal vervolg
Voor EDF is de samenwerking ook een manier om de expertise op het gebied van slim laden verder te benutten. Christelle Vives, President van EDF Business Services, zegt: “Deze alliantie laat zien hoe twee toonaangevende Franse bedrijven gezamenlijk kunnen bijdragen aan concurrerende, onafhankelijke en koolstofarme mobiliteit.” De introductie van de geïntegreerde laadoplossingen in Frankrijk staat gepland voor de zomer van 2027. Daarmee krijgt een technologie die in Nederland met MyWheels-deelauto’s en particuliere gebruikers zijn potentie laat zien, een nieuw internationaal vervolg.
Ook in Nederland nog werk te doen
De ontwikkeling onderstreept de Nederlandse voortrekkersrol in bidirectioneel laden. Waar de elektrische auto lange tijd vooral als extra belasting voor het stroomnet werd gezien, groeit hij uit tot één van de mogelijkheden om netcongestie te verminderen én een middel om de gebruikskosten van elektrisch rijden verder te verlagen. De verwachting is dat de bidirectionele laadtechniek de komende jaren op meerdere Europese markten terrein wint. Inmiddels hebben Hyundai en Kia samen met partner Vattenfall de technologie ook werkend, daarnaast werkt bijvoorbeeld BMW Group in Duitsland aan een V2G-pilot. Is er dan verder geen werk meer aan de winkel? Zeker wel, want volgens de Vereniging Elektrische Rijders (VER) is de komende jaren een belangrijk aandachtspunt voor het verder kunnen opschalen van Vehicle-to-Grid technologie het verder standaardiseren van bidirectioneel laden, zodat het straks voor iedereen werkt ongeacht automerk, laadpaalkeuze en energieleverancier. In Nederland is ook van belang dat de zogenaamde dubbele energiebelasting verdwijnt; de fiscaliteit dient ook aan de nieuwe techniek te worden aangepast.
Tekst: Jos van den Bergh
Beeld: Renault Nederland